Jep, slippers zijn lekker luchtig, op het eerste zicht heerlijk comfortabel en nog eens absoluut trending ook. Toch kan je ook dit seizoen maar beter niet élke dag op je minimalistisch paar ‘flippers’ de deur uit, want dat is niet helemaal goed voor je gestel – en vooral niet voor je voeten, zo blijkt.

Wat slippers dan precies met je voeten doen? En voor welke zomerschoenen je dan beter zou gaan? Verschillende podologen en podotherapeuten namen al het woord.

Net als roken

Volgens verschillende podologen die hun verhaal deelden met de Nederlandse nieuwswebsite nu.nl is het dagelijks dragen van teenslippers ongeveer even nefast voor de gezondheid als roken. Dat heeft vooral te maken met de slechte ondersteuning die het type schoen biedt aan onze voeten: “Slippers dragen is risico-gedrag: net zoals je van roken niet noodzakelijk longkanker hoeft te krijgen, is ook de relatie tussen het dragen van teenslippers en het ontwikkelen van voetproblemen niet één-op-één, maar het risico erop wordt wel veel groter”, zo zegt Podotherapeut Monique van der Kaa. Naar schatting zou zo’n 30 % van de bevolking ooit last krijgen van voetproblemen door het dragen van de foute schoenen.

Welke problemen er vooral opduiken na het dragen van slippers? Dat kunnen er blijkbaar nogal wat zijn. De vaakst voorkomende zijn kuitproblemen, pijn aan de achillespees, hiel of voorvoet of een verandering in de stand van de tenen. Die klachten en veranderingen hebben alles te maken met de minimalistische vormgeving van een slipper. Het meest nefaste aspect in het ontwerp is het feit dat er geen aansluiting is aan de hiel van een slipper waardoor je voet zelf erg veel inspanning moet doen om ervoor te zorgen dat het schoentje niet door de zwaartekracht van je voet afvalt.

Hammertime

Niet alleen je wreef- en voorvoet-spieren worden door die klem-beweging aardig belast, ook je tenen moet heel wat inspanning leveren. Door die constante ‘houdgreep’ loop je dan ook het risico om zogenaamde ‘hamertenen’ of ‘klauwtenen’ te ontwikkelen: een kromstand van de kleinere tenen met een eventuele overstrekking van het gewrichtje tussen het middenvoetsbeentje en het eerste kootje. Niet meteen hét prettigste uitzicht in die prachtige nieuwe sandalen, dat kunnen we je alvast verzekeren.

Niet enkel je voeten zelf hebben echter te lijden onder een té weinig ondersteunende schoen als de slipper, ook op de rest van je lijf heeft het wel degelijk een impact. Uit onderzoek van het American College of Foot and Ankle Surgeons en de American Orthopaedic Foot and Ankle Society blijkt dat wie veel en langdurig op teenslippers loopt, daardoor ook het risico loopt z’n lichaamshouding tijdens het lopen te veranderen.

Slappe zool

Dat lijkt dan weer veel te maken te hebben met ander gebrekkig element uit de vormgeving van de teenslipper, namelijk de slappe zool: “Door het veelvuldig dragen van slippers met een té slappe zool (denk: rubberen slippers waarvan je de zool kan dubbelplooien bijvoorbeeld) kan een foutieve handeling gestimuleerd worden”, zo klinkt het bij Mens en Gezondheid.

“Door een te slappe zool zet je namelijk je voet zo neer dat de enkel te veel naar binnen keert, waardoor er overbelasting kan ontstaan aan je voeten, je knieën, je heupen en ook je rug.” En dát kan je na verloop van tijd dan weer aardig wat last en pijn opleveren.

Birkenstocks for the win?

Wie lief is voor z’n lijf, kiest dan toch ook maar beter voor een paar andere schoenen – of: voor een paar slippers met een stevigere zool natuurlijk. Toch zijn ook de zogenaamd ‘podologisch verantwoorde slippers‘ – zoals die met een voorgevormde zool en een stevige voetband á la Birkenstocks niet de heilige graal, zo blijkt. Volgens Podotherapeut Sepp Mortelmans zijn ook dat soort slippers, slechts gedeeltelijk aan te raden: “Als ik een gewone slipper een score van 0 op 10 zou geven, zou ik Birkenstocks nog steeds maar een 2 op 10 geven”, zo klinkt het.

Hoe dat komt? Een Birkenstock heeft weliswaar een betere en dikkere zool, maar doordat onze voeten zo’n uniek gegeven zijn, kan het eenvormige ontwerp zeker niet élk type voet voldoende goed ondersteunen: vooral de bolling halverwege het voetbed, dat de voet in tegenstelling tot gewone platte slippers wél voldoende ondersteuning zou moeten geven, is voor de meeste slipper-dragers gewoon té laag om naar behoren te werken.

Welke slippers we dan wel moeten dragen?

Wie toch écht slippers wil dragen, kiest zijn of haar ‘persoonlijk paar’ bij voorkeur dan ook echt nauwlettend uit. Stuks met deze eigenschappen komen alvast wél in aanmerking:

  • een slipper met een degelijk dik en aansluitend bandje over de wreef (liefst verstelbaar naar de breedte van je eigen voet)
  • een slipper met een degelijk voetbed
  • een slipper met een dikke (niet dubbel-plooibare) zool
  • een slipper met de juiste pasvorm voor jouw voeten (tip: stap er in de winkel voldoende mee rond om aan te voelen of hij voor jou goed stapt)
  • overweeg om toch te gaan voor een sandaal met enkel-of hielbandje in plaats van een slipper om het ‘klemmen’ (en dus ook die akelige hamertenen) tegen te gaan

Oefening baart (geen) kunst

Tot slot nog een kleine positieve noot: ondanks de vele nadelige effecten van slippers voor mensen die er dagdagelijks urenlang op rondparaderen, hoeven we het trending schoentje toch niet hélemaal uit onze garderobe te bannen. Want – net zoals het ook goed is voor je spieren om elke dag een uurtje te sporten – zo kunnen ook je voeten het best verdragen om dagelijks een uurtje of wat meer inspanning te leveren.

Slippers dragen, zou je dan ook kunnen zien als een soort work-out voor de voeten: “Een half uurtje per dag aan de fitness-toestellen hangen kan best, maar het elke dag acht uur lang van je lichaam vragen, is geen géén goed idee”, zo sluit Podotherapeut Monique van der Kaa af.

Openingsbeeld: Imaxtree. 

Lees ook:

BRON: nu.nl / mens en gezondheid / elle.com