Een loft op de eerste verdieping van een achterhuis? Met goedgekozen materialen en een paar strategisch geplaatste meubels maakten Astrid en Michael van een kale industriële ruimte een echte thuis.

 

Raar hoe je van jezelf denkt dat je ruimdenkend bent, en dan toch op je grenzen botst”, lacht Astrid. Het was niet Brussel of deze wijk bij het Zuidstation waar Astrid en Michael moeite mee hadden. “Nee, want wij zijn gek op Brussel. We vinden het fantastisch dat je hier zo veel parken en verschillende buurten hebt. Deze wijk, bijvoorbeeld, is heel levendig.” Het koppel woonde om de hoek toen ze deze industriële ruimte te koop zagen staan. Toen ze kwamen kijken, zagen ze de charmante oude stalen ramen en het potentieel van de grote ruimte. “Toch hebben we heel erg getwijfeld, omdat het om een verdieping van een achterhuis ging. We vroegen ons af: heeft deze ruimte in het geval van brand wel voldoende vluchtwegen? Zullen we ons niet opgesloten voelen? En hoe moet je één grote ruimte inrichten?” Maar samen met hun vrienden Els en Joost van Carton123 architecten hakten ze de knoop door. “Professionals als zij zien nooit problemen, alleen oplossingen!”

STAP VOOR STAP

Samen met de architecten besloten Michael en Astrid om de betonnen ribbenstructuur van het dak, de sokkel rond het terras en de twee afgeschuinde schouwen te behouden. “Het was gewoon een kwestie van de laatste dingen te strippen, de oude ramen te vervangen en het dak te laten isoleren.” Buiten de opbouw van het badkamerblok en de installatie van het terras, waarvoor een raamopening moest worden verlaagd, zijn er geen structurele werken gebeurd.

“Met architecten werken heeft wat ons betreft alleen maar voordelen.”

En dus kon de opbouw stap voor stap beginnen. Astrid: “Met architecten werken heeft wat ons betreft alleen maar voordelen. Ze helpen je om de juiste beslissingen te nemen.” Zoals bij de vloer, waar ze twijfelden tussen polybeton, dat voor een eerste verdieping eigenlijk te zwaar is, en een PU-gietvloer, die het koppel dan weer te clean en te duur vond. De architecten stelden een derde mogelijkheid voor: de chape versterken met vezels en dan beschermen met tweecomponenten-epoxyverf. Astrid: “We zijn heel blij met het resultaat! Het is een budgetvriendelijke oplossing, de kleur past heel goed bij de sfeer van het pand, en later kunnen we nog doen wat we willen, of schilderen we de vloer gewoon in een andere kleur.” Deze slimme oplossing werd meteen de leidraad voor de verdere inrichting van de loft.

RUWE BOLSTER…

Zo beslisten Michael en Astrid om het plafond in zijn oorspronkelijke ruwe staat te herstellen. Astrid: “De zoldering was vrij donker bepleisterd. Omdat er ergens een stuk pleisterwerk was afgevallen, zagen we dat de betonnen structuur eronder best mooi was in deze setting. Die past ook goed bij de kleur die de vloer nu heeft.” Wat de indeling van de grote ruimte betreft, was de keuze snel gemaakt. Het woongedeelte met de keuken kwam aan de kant waar het meeste licht binnenviel, en er werd gekozen voor een volledig losstaande keuken om de ruimtelijkheid niet te verstoren.

“Wat we vooral niet wilden, was een koude kille inrichting”

De kolomkast zorgt voor een duidelijke scheiding met de zithoek. De kleuren kiezen ging eigenlijk vanzelf: ze vloeien voort uit de tinten van het plafond en de vloer en van de vloerkleden van Astrids oma. “Op zulke kleine referentiepunten hebben we verder gebouwd om alles in te richten. Wat we vooral niet wilden, was een koude kille inrichting”, aldus Astrid. “Onze loft is nog lang niet af, maar we hebben alle tijd, en ondertussen genieten we er al met volle teugen van.”

De loft is één grote ruimte met alleen een apart blok voor de bad- kamer. Rechts van de kubus is de doorgang naar het slaap- en badge- deelte. Rotan fauteuil via Feelgood Designs, gele plaid van Merci, kus- sens en schapenvacht van Ikea en bijzettafeltjes van Serax.

Door: Karin De Ridder & Foto’s: Liestbet Goetschalckx

 

HAAL NOG MEER INSPIRATIE UIT DE ANDERE BINNENKIJKERS: