Foodjournaliste Evelien Rutten geeft elke maand in Feeling en elke week op feeling.be haar onverbloemde, overheerlijke mening over de nieuwste restaurants en de laatste foodtrends. Evelien proeft voor en fileert haarfijn wat ze op haar bord krijgt. Geen greintje snobisme, maar eerlijke updates over wining-and-dining waar jij als lezeres van zult smullen. Vorige week ging Evelien langs bij A’Sur in Antwerpen.

 

Ik ben nog nooit in Venezuela geweest en ik ken ook geen enkele Venezolaan. Mijn enige link met dit Zuid-Amerikaanse land is dat ik twintig jaar geleden met twee vrienden een spaarrekening opende onder de naam Caracas. Het was een symbolische daad, een belofte die we aan onszelf deden. Ooit zou het moment komen dat we zo veel gespaard hadden, dat we samen naar Venezuela op reis konden gaan. Maar hoe gaat dat in het leven: je studeert af, je verhuist en op den duur vergeet je dat die rekening üperhaupt bestaat. Ze is bij mijn weten ook nooit afgesloten, dus misschien zit die reis er ooit nog wel in. Maar dan moet het wel beter gaan met de intrestvoet én met Venezuela zelf. Op dit moment leeft negentig procent van de inwonders in armoede. Sinds de crisis is de gemiddelde Venezolaan al elf kilo vermagerd, puur uit honger. Het voelt wrang aan om dan duizenden kilometers verderop een beetje kritisch te gaan zitten lunchen bij A’Sur, een nieuw Zuid-Amerikaans restaurant in Antwerpen waar Chef Moisés zijn Venezolaanse roots verzoent met onze Westerse smaken.

Ik heb geen idee wat ik moet verwachten, dus bestel ik alvast –to hell with Tournée Minérale- een cocktail met de veelbelovende naam Canelazo. Na vijf minuten ernstig mengen, shaken en ander gepruts staat er plots een tot over de rand gegarneerde koperen beker voor mijn neus. Na weken van Spartaanse onthouding zou ik er een emmer van kunnen drinken. Als dit mengsel van oersuiker (ongeraffineerd, gedroogd suikerrietsap), sinaasappel, kruiden en aguardiente standaard Venezolaans is, ben ik eigenlijk al verkocht: mooi geweest, boekje dicht, tien op tien. Maar ik ben té nieuwsgierig naar de rest van het verhaal. Er verschijnen helaas twee hapjes die me hoegenaamd niets doen. De brandade van kabeljauw is waterachtig en mist kracht. De twee Spaanse Gordal olijven met stukjes pinda zijn oké, maar daar heb je dan ook geen werk aan. Ik bestel het Roots menu (€ 45) in vier gangen, maar laat de scheermessen vervangen door de ceviche van dorade met zoete aardappel. Bij ceviche denk ik aan fijne plakjes gemarineerde vis, maar de chef heeft de dorade in vrij dikke brokken gesneden. De vis is daardoor lastig te eten. De combinatie met zoete aardappel is prima, de afwerking met popcorn amusant. We gaan verder met zeebaars, broccoli, courgette en de beroemde mole: een complexe saus met -tig ingrediënten én chocolade. De vis en de courgettes zijn eevoudig gebakken. De broccoli is verwerkt tot een zijdezachte, neutraal smakende saus. De mole, waar ik me enorm op verheugde, is echter vrij flets en eendimensionaal.

De mole, waar ik me enorm op verheugde, is echter vrij flets en eendimensionaal

Ik vestig alle hoop op de pabellon criollo, een soort chili con carne. Het gerecht ziet er magnifiek uit, met sprekende kleuren. Maar ook hier treedt verveling op. Het rundvlees is mooi op smaak en heeft een fijne textuur en de zwarte bonen hebben een goede beet, maar het geheel leeft niet. Ik voel geen zon, geen plezier. Ik sluit af met tres leches, waarin melk op drie manieren is verwerkt: room, gecondenseerd en geëvaporeerd. Zeker niet slecht.

A’Sur zit vol goede bedoelingen en wie houdt van neutrale, niet te opdringerige smaken gaat hier zeker een fantastische tijd beleven. Wie echter op zoek is naar cojones, zoekt best nog even verder.

Score (max. 5 sterren)

★★★

A’Sur -Volkstraat 32, 2000 Antwerpen

Lees nog meer food-recensies van onze expert: