Voor wie zijn buik vol heeft van de typische salade met hardgekookt ei of geitenkaas, ziehier: frisse, originele varianten die even heerlijk smaken als ze eruitzien.

Alle recepten zijn voor 4 personen

1. Beignets van krab met fris slaatje en aardbeichutney

Dit heb je nodig voor de beignets met krab:

  • 1 rood pepertje
  • 2 lente-ui
  • 1 bosje koriander
  • 125 g bloem
  • 1 zakje bakpoeder
  • 170 g noordzeekrab

Zo maak je de beignets met krab:

  • Hak het pepertje, de lente-ui en de koriander fijn.
  • Doe de bloem en het bakpoeder in een kom. Giet er al roerend koud water bij tot je een beslag bekomt dat zo glad en dik is als pannenkoekenbeslag.
  • Roer er de krab en de kruiden door.
  • Frituur schepjes beslag op 180°C tot je mooi goudgele beignets bekomt. Laat uitlekken op keukenpapier.

Dit heb je nodig voor de aardbeichutney:

  • 1 citroen
  • 200 g sjalotten
  • 3 cm gember
  • 1 tl kardemom
  • 500 g aardbeien
  • 50 g suiker
  • 1 tl zout
  • ½ tl chilivlokken

Zo maak je de aardbeichutney:

  • Rasp de citroen, pers hem uit. Snipper de sjalotten. Rasp de gember. Snijd de aardbeien in kleine stukjes. Verhit wat olijfolie in een pan en fruit de sjalotten, gember en kardemom 10 min op laag vuur. Zet het vuur uit, schep de zeste, suiker en zout erbij, giet er 3 el citroensap en 50 ml water bij, roer en laat afkoelen. Voeg de aardbeien en chilivlokken toe en schep in een schone weckpot en bewaar afgesloten (max. 1 week) in de koelkast.

Zo dresseer je de borden:

  • Doe verschillende kleuren daikoncress, plukjes koriander en fijngesneden pijpajuin in
    een kom en serveer met de beignets, chutney en partjes limoen.

2. Salade van paarse aardappelen en gerookte sprot

Dit heb je nodig:

  • 800 g paarse aardappelen (bv. vitelotte)
  • 1 rode uit
  • 1 bakje peterselie
  • 1 citroen
  • 1 tl komijn
  • 1 tl sumak
  • 2 el olijfolie
  • 200 g gerookte sprot

Zo maak je het:

  • Schil en kook de aardappelen.
  • Snijd de ui in halve ringen.
  • Snijd de peterselie fijn (houd wat opzij om te garneren).
  • Meng de peterselie, het sap van de citroen, de sumak, komijn en olijfolie in een kom. Breng op smaak met zout en peper.
  • Snijd de afgekoelde aardappelen in stukken en hussel ze door de peterseliesaus.
  • Serveer met de rode ui, de gerookte sprot, plukjes peterselie en een schijfje citroen.

 

3. Kleurrijke salade met lamsbout ‘ottolenghi-style

Dit heb je nodig voor de marinade deel 1:

  • 4 tl zwarte peperbollen
  • 10 kruidnagels
  • 1 tl kardemom
  • 0,5 tl fennegriekzaadjes
  • 2 tl venkelzaad
  • 2 steranijs
  • 1 kaneelstok
  • 1 el korianderzaad

Dit heb je nodig vor de marinade deel 2:

  • 1 el geraspte muskaatnoot
  • 2 el zoet paprikapoeder

Dit heb je nodig voor de marinade deel 3:

  • 2 el sumak
  • 2 el zeezout
  • 50 g geraspte gember
  • 6 tenen grof geplette look
  • 100 g grof gehakte koriander
  • 120 ml vergeperst citroensap
  • 240 ml arachideolie

Zo maak je de marinade:

  • Rooster alle kruiden van deel 1 in een pannetje zonder vetstof tot ze beginnen te geuren en poffen (ca. 2 min).
  • Rooster de smaakmakers van deel 2 een paar tellen mee.
  • Mix alles in een blender tot poeder. Roer dit poeder door deel 3.

Dit heb je nodig voor de lamsbout:

  • 1 lamsbout (6 à 8 personen / bout van 2,5 à 3 kg)
  • 250 ml lamsfond
  • 250 ml water
  • Flinke scheut rum of whisky
  • 2 venkels
  • 4 wortels
  • 2 ajuinen

Zo bereid je de traag gegaarde lamsbout:

  • Maak met een mes inkepingen in de bout. Zorg dat je door het vet zit, dat de marinade goed kan indringen.
  • Leg het vlees in een braadslee. Wrijf helemaal in met de marinade.
  • Dek af met huishoud- of aluminiumfolie. Laat een nacht rusten in de koelkast.
  • Laat het vlees een half uur op kamertemperatuur komen.
  • Gaar dan een uur per kg vlees (incl. bot) in een op 140°C voorverwarmde oven (de kerntemperatuur van het vlees moet rond de 62°C zijn).
  • Voeg na 1 uur de lamsfond, het water en de rum toe.
  • Blijf daarna om de twintig minuten overgieten. Bedek met aluminiumfolie mochten de kruiden beginnen te verbranden.
  • Haal uit de oven. Versnijd.

Dit heb je nodig voor de labneh:

  • 500 ml volle Griekse of Turkse yoghurt
  • 2 tl zout

Zo maak je de labneh:

  • Roer het zout door de yoghurt.
  • Giet in een neteldoek. Knoop de uiteinden van de doek samen en hang deze ‘knapzak’ met een schaaltje eronder in de koelkast of op een andere koele plek.
  • Laat een nacht uitlekken.

Dit heb je nodig voor de gepekelde wortels en chioggiabiet:

  • 100 g jonge wortels
  • 100 g chioggiabiet
  • 150 ml rodewijnazijn
  • 100 ml water
  • 100 g suiker
  • 2 el olijfolie
  • ½ tl chilivlokken
  • ½ tl gemalen korianderzaad
  • 1 tl kaneel
  • 1 tl mild paprikapoeder
  • 1 tl gemalen komijnzaad

Zo maak je de gepekelde wortels en chioggiabiet:

  • Maak de bietjes schoon en snij in flinterdunne plakjes.
  • Maak de wortels schoon.
  • Doe chilivlokken, korianderzaad, komijn, kaneel en paprikapoeder in een vijzel en stamp
    fijn. Proef en voeg indien nodig wat zout toe.
  • Breng azijn, water en suiker tot tegen het kookpunt. Voeg de wortels doe. Draai het vuur laag, laat enkele minuten stoven.
  • Voeg dan de fijngestampte smaakmakers toe.
  • Doe de bietjes erbij, zet het vuur uit en laat in het kookvocht afkoelen.
  • Bewaar in een weckpot.

Dit heb je nodig voor salade:

  • 1 bussel groene asperges
  • Handvol munt
  • Handvol bladpeterselie
  • 200 g gele kerstomaten
  • 1 rode ui

Zo maak je de salade:

  • Sprenkel olijfolie over de asperges. Bestrooi ze met peper en zout.
  • Gril ze kort in een grillpan.
  • Snij de bladpeterselie en munt fijn.
  • Snij de rode ui in fijne plakjes en bestrooi met zout.

Zo dresseer je de borden:

  • Smeer de labneh met een lepel uit over de borden.
  • Schik er de groene asperges, gepekelde wortels en bietjes, plakjes lamsbout en halve kerstomaatjes op.
  • Werk af met plakjes ui, munt, peterselie en wat sumak en zwarte peper.
  • Aan deze salade moet je een dag op voorhand starten, maar de explosie aan smaken achteraf is dat meer dan waard!

4. Salade van verse asperges en prei in een romig citroenverbena-sausje

Dit heb je nodig voor het sausje met citroenverbena:

  • 1 sjalot
  • 1 dl droge vermout
  • 1 dl witte wijn
  • 1 dl groentebouillon
  • 1 dl room
  • 1 el boter
  • 1 el citroensap
  • 1 takje citroenverbena
  • 1 takje citroentijm
  • 1 stengel citroengras

Zo maak je het sausje met citroenverbena:

  • Snipper de sjalot en stoof aan in wat boter.
  • Voeg de overige ingrediënten toe.
  • Laat tot de helft inkoken.
  • Laat afkoelen tot op kamertemperatuur. Zeef.

Dit heb je nodig voor de olie van citroenverbena:

  • Handvol citroenverbena
  • Paar blaadjes spinazie
  • Arachideolie en olijfolie

Zo maak je de olie van citroenverbena:

  • Doe de citroenverbena en spinazie in een blender. Giet er geleidelijk voorzichtig evenveel arachide- als olijfolie bij (naar smaak). Mix. Bekleed een vergiet met een neteldoek. Laat de olie uitlekken om later bij het gerecht te serveren.

Zo maak je de olie van prei:

  • Gebruik het groen van de prei die je voor dit gerecht hebt gekocht: was het grondig en mix het fijn met arachideolie.
  • Bekleed een vergiet met een neteldoek. Laat de olie uitlekken.

Dit heb je nodig voor de salade:

  • 1 bussel witte asperges
  • 2 stengels prei
  • 1 bosje zurkel
  • Handvol jonge bietencress en/of bietenblaadjes

Zo maak je de salade:

  • Was de prei. Snijd het wit in reepjes. Frituur in ca. 2 min goudbruin in hete olie (175°C).
  • Schil en kook de asperges tot ze beetgaar zijn.
  • Lepel het sausje met citroenverbena op de borden. Schik de asperges erbovenop, en daarop de fijngesneden zurkel en de gefrituurde prei.
  • Werk af met jonge bietencress en/of -blad, enkele theelepels olie van prei en van citroenverbena, een draai aan de pepermolen en een snuf zout.

5. Fris slaatje met misokip

Dit heb je nodig voor de gepekelde radijzen:

  • 6 radijzen
  • 100 ml rijstazijn
  • 100 ml water
  • 80 g suiker
  • 1 tl zout

Zo maak je de gepekelde radijzen:

  • Verwarm het water en de rijstazijn.
  • Roer de suiker erdoor tot die volledig is opgelost.
  • Doe de radijsjes erbij tot alles is afgekoeld.

Dit heb je nodig voor de dressing:

  • 1 el misopasta
  • 1 el rijstazijn (of wittewijnazijn)
  • 1 el sesamolie
  • 2 tl honing
  • 1 el sojasaus
  • 1 el geroosterd sesamzaad

Roer alle ingrediënten door elkaar in een kommetje.

Dit heb je nodig voor het slaatje:

  • 1 l kippenbouillon
  • 75 g misopasta
  • 600 g kipfilet
  • 200 g bimi (of gewone broccoli)
  • 200 g babyspinazie (of gewone spinazie of veldsla)
  • 2 lente-ui (in ringetjes)
  • 100 g sojaboonjtes (of doperwten)
  • 2 babykomkommer (in plakjes)
  • 100 g daikon (in plakjes)
  • 2 el gefrituurde uitjes

Zo maak je het slaatje:

  • Breng de bouillon en de misopasta in een pan tegen de kook aan. Pocheer daarin de kipfilets tot ze bijna gaar zijn (ca. 8 min).
  • Zet het vuur uit en laat de kipfilets nog even nagaren in de bouillon. Haal ze eruit.
  • Blancheer de bimi in dezelfde bouillon.
  • Doe de spinazie, bimi, komkommer, daikon en boontjes in een kom en roer er dressing door. Verdeel over kommetjes.
  • Schep er plakjes kipfilet en gepekelde radijsjes over.
  • Schep er nog een lepel dressing over en bestrooi met sesamzaadjes en gefrituurde uitjes.

Door Ann Van der Auwera, foto’s: Wout Hendrickx

Meer recepten: