Foodjournaliste Evelien Rutten geeft elke maand in Feeling en elke week op feeling.be haar onverbloemde, overheerlijke mening over de nieuwste restaurants en de laatste foodtrends. Evelien proeft voor en fileert haarfijn wat ze op haar bord krijgt. Geen greintje snobisme, maar eerlijke updates over wining-and-dining waar jij als lezeres van zult smullen. Deze week houdt ze een pleidooi voor de gevestigde culinaire waarden en het belang van (h)erkend te worden.

Het hele no waste-verhaal is broodnodig om onze planeet te redden, maar ik heb het even gehad met ‘craft’, ‘authentiek’ en ‘puur’. Er kan geen broodjesbar, lunchzaak of rooftopbar openen, of die termen – die hun betekenis vijf jaar geleden al verloren – vinden hun weg naar de Instagram-account. Je verdrinkt in de cold pressed juices, je moet jezelf een weg banen door de toast avocado’s met spiegelei, glijdt uit over de bergen hummus van rode biet en prikt met tegenzin in een vegan cheesecake met ellendig knarsende granaatappelpitten. Van de kleverige, mierzoete dadelbal die in kokosrasp is gerold tot de gloeiend hete gemberthee die ze serveren in een waterglas dat je het eerste kwartier niet kunt aanraken, alles is onbeschaamd duur. Ik stap nog maar zelden gelukkig naar buiten. Wat zeker niet helpt, is de snelle vergankelijkheid van nieuwe zaken. Je hebt drie keer met je ogen geknipperd en de lactosevrije wafelburgers hebben plaatsgemaakt voor roze cappuccino’s met bladgoud. De lifespan is te kort om een duurzame relatie op te bouwen en fan te worden van iets wat in de buurt zou kunnen komen van een signature dish. Vast personeel bestaat niet meer, je wordt overgeleverd aan de eerste de beste flexi-jobber die bijklust om Tomorrowland te kunnen betalen. Wat ik het meeste mis, zijn vertrouwde gezichten en een blik van herkenning als ik de deur opentrek (waarom rinkelt er eigenlijk nooit meer een belletje?). De voorspelbaarheid van een degelijk opgeleide chef die geen zotte toeren moet uithalen om zijn ego te strelen, maar vertrouwen heeft in zijn kunnen en gelooft in beproefde recepten met lokale, seizoensgebonden ingrediënten. Ik betrap mezelf erop dat ik meer en meer teruggrijp naar restaurants die hun bestaansrecht al bewezen hebben.

Vorige week liep ik binnen in een vertrouwde bar en installeerde mezelf aan de toog. De uitbater zag me en in zijn ogen verscheen een glimlach. Nog geen minuut later stond er al een drankje voor mijn neus. Van het huis. Er was zelfs tijd voor een gesprek, dat in vijf minuten zowaar filosofisch en existentieel werd. Herkend en erkend worden, niet enkel als wandelende portemonnee, maar als mens. Het maakt voor mij onuitwisbaar deel uit van een café-, bar- of restaurantervaring. Daarom detecteer ik deze maand niet de nieuwste, hipste etablissementen du jour, maar enkele persoonlijke favorieten.

We starten in mijn hometown, Genk. Daar baadt Peppe van Njam! al decennialang (zo lijkt het toch) La Botte uit, een Italiaans gourmetrestaurant waar je onmogelijk teleurgesteld kunt buitenwandelen. Zijn broer, die instaat voor de zaal en de wijnen, vergeet nooit een gezicht. Voor de casual hap verwijs ik graag naar O Geros, een Grieks familierestaurant/frituur waar het lam nog traag gegaard wordt en de friet gyros een ticket naar de hemel is. In Antwerpen kom ik op kracht met een bouillon van ossenstaart (opgediend in een terrine) bij Ciro’s, waar de tijd bleef haperen in de jaren 50. Aan zee eet ik mijn klassieke garnaalkroketten bij de Oostendse Brasserie du Parc, in een heerlijke art-decostijl. We rijden verder naar Terminus in Watou, waar Pieter Verheyde als een levende Griekse God (Bacchus, naar alle waarschijnlijkheid) erin slaagde om een baanrestaurant om te toveren tot een mekka voor foodies en wijnliefhebbers.

View this post on Instagram

A post shared by An Gyselinck (@angyselinck) on

Mijn lijstje is geenszins volledig. Er zijn nog zo veel meer chefs die mij gelukkig maken. Ik denk bijvoorbeeld aan Dennis, Willem, Thijs, Michaël, Seppe, Adriana, Gert, David en Vilhjalmur. Misschien ligt de verantwoordelijkheid voor een positieve ervaring wel bij de restaurantbezoeker zelf. Als je je hart openstelt voor een goede chef, zal die zijn uiterste best doen je niet teleur te stellen.

Veel te kort lijstje van gezellige, lekkere restaurants

Meer leuke adresjes:

Openingsbeeld: La Botte Genk