Een raadseltje: wie heeft er ooit al een keer in Premium Class van Thalys ‘Het is geen vibrator!’ geroepen? Correct: it was I. Komt-ie.

Ik zat op de Thalys naar Parijs, voor een persevent met soiree. We waren een halfuur van Parijs verwijderd, toen er om mij heen gegniffeld werd – eerst subtiel, maar steeds duidelijker, zodat zelfs ík, helemaal in beslag genomen door de nieuwste Vogue Paris, het opmerkte. Mijn buurman (een Nederlander) was aan het giechelen; zijn collega tegenover mij trok de hele tijd zijn wenkbrauwen op, en zelfs achter ons groepje stoeltjes ontstond geroezemoes. “Wat is er aan de hand?”, vroeg ik. “Ow,” sprak de Nederlandse buur, “hoort u niks dan?” Waarop ik mijn oren spitste en tot de conclusie kwam dat ik nee, niks hoorde. “Ow,” zei de buurman weer, “nou, wij horen beslist wel wat.” En ze giechelden en gniffelden verder.

Mannen met aktetas in een gestreept pak zijn het ergste: hun leven is denk ik zó saai, dat alles een verzetje wordt. Ik haalde mijn schouders op en wilde verder lezen, maar toen hoorde ik het ook. Een zacht gezoem, of nee, eerder een subtiel getril. Onafgebroken. “Ah,” zei ik, “er zoemt iets.” “Jahaaa,” lachte het duo olijke Nederlanders, “er zoemt beslist iets ja.” Vast een elektrische tandenborstel in iemands koffer. Ik las verder. “Lekker zeg, iemand heeft een vibrator bij”, sprak plots een andere Nederlander, ook in krijtstreeppak, achter ons. Meer gegiechel, en vooral: flink wat blikken mijn richting uit. Ik was namelijk de enige vrouw in Premium Class (betaald door het merk dat mij uitnodigde), en tja, een man heeft doorgaans geen vibrator bij. “Oh haha”, deed ik een beetje ongemakkelijk. “Ik heb die van mij thuis liggen hoor.” Ik bedoelde dat als bliksemafleider, maar mijn hoofd was knalrood geworden, waardoor het meer op een bekentenis leek. Bon. Dat artikel in Vogue Paris kreeg ik nooit nog uitgelezen, want letterlijk íédereen in de buurt van stoel 72 was nu over een vibrator bezig, en er bovendien van overtuigd dat ik er eentje in mijn koffer had zitten.

“Dit is mijn Foreo, een massageapparaat.” Not helping.

Ik begon een beetje te panikeren, want het getril kwam wél van boven mijn hoofd. En daar lag mijn trolley, bedolven onder een paar andere trolleys. Maar ik had toch echt niks bij me dat kon trillen? Ik neem altijd een bamboe-tandenborstel mee, dus dat was het niet. En toen wist ik het. Mijn Foreo! Mijn roze, ronde, grote Foreo – een apparaatje dat het gezicht reinigt en tegelijk masseert – zat in mijn toilettas. Als je op het midden drukt, gaat-ie trillen. OMG. Ik moest die als de bliksem afzetten, want a) die batterij loopt leeg en ik wilde wel nog masseren en b) die verrekte krijtstreeppakken dachten intussen vast dat ik een halve sekswinkel in mijn trolley had zitten. Ik moest uit mijn stoeltje, maar ik zat aan het raam, dus mijn kinderachtige buur moest opstaan. Tot overmaat van ramp haalde hij – plotseling heel galant – mijn trolley voor me uit het rek. Ik ritste mijn koffertje open en moest voorbij mijn ondergoed om bij mijn toilettas te raken. Die, oké ja, wild trilde. Ik had het gevoel dat ik iets moest zeggen, dus ik stak mijn Foreo zo’n beetje omhoog en zei: “Dit is mijn Foreo, een massageapparaat.” Not helping. “Het is geen vibrator!”, gooide ik er nog achteraan. Of hoe ik weer in m’n gekende stijl de werkweek goedmaakte van een Nederlandse delegatie saaie pieten. Pun intended.

Lees hier de vorige columns van onze chef-mode Els: