Boris Devis (40), galerist en designexpert, en Zoë Hordies (31), creative director, delen al acht jaar leven en kleerkast. Ze hebben een zoontje, Boaz (2).

Dubbel duurzaam

Boris: “Delen is een groot woord voor onze kledingtransfers. Zij pikt veel uit mijn kast, en ik rommel dan in haar garderobe om dingen terug te vinden.”
Zoë: “Maar soms neem je ook iets van mij Boris, dat gebeurt.”
Boris: “Soms ontdek ik een kledingstuk van Zoë dat me bevalt. Dat is minder extreem dan het lijkt, omdat Zoë vaak mannenkleding koopt.”
Zoë: “Ik heb een voorkeur voor de uniseks stijl. Strak belijnd en oversized, het zijn proporties die goed bij mijn lichaamsvorm passen. Het is dus niet zo bizar dat we elkaars kleding dragen. Hij is eens buiten gegaan in mijn blazer van Dries Van Noten die uit de vrouwen- collectie kwam, maar die is zo oversized, dat valt niemand op. Ooit één keer, toen hij naar Pukkelpop vertrok in een van mijn T-shirts, heb ik gedacht: dat was misschien niet zo’n goede keuze.”
Boris: “Als ik shop, houd ik er eigenlijk al rekening mee dat Zoë het ook leuk moet vinden. Ik vind het wel iets hebben, dat shoppen voor twee, het heeft een soort ecologie die me wel aanstaat.”
Zoë: “Shoppen als tijdverdrijf doen wij eigenlijk helemaal niet. We proberen aankopen te beperken tot wat we echt nodig hebben en echt mooi vinden. Dat we het dan met z’n tweeën kunnen dragen, is een mooie extra. Dubbele duurzaamheid, zeg maar.”

Één grote dressing

Zoë: “De regel lijkt te zijn dat alles van Boris is, zelfs als het van mij is. ’s Ochtends is het dikwijls van: ‘Heb je weer iets van mij aan?’. Dat is geen onredelijke opmerking. Ik weet het soms ook niet meer: was die sweater nu eigenlijk oorspronkelijk van Boris of van mij? Het maakt ook niet zo veel uit. We hebben nu nog twee aparte kasten, maar als we verhuizen dan wordt dat gewoon één grote gemeenschappelijke dressing.”
Boris: “Als het om nieuwe kleren gaat, mag je ze zelf eerst een tijdje dragen, dat is misschien een regel. Zij vindt dat ik morsig eet, dus haar nieuwe aankopen houdt ze toch eerst een tijdje voor zichzelf.”

Met gevoel

Boris: “We houden beiden van de mannencollectie van Dries Van Noten, maar het moet niet altijd een naam zijn. We kiezen voor de interessante stukken. Onze voorkeur gaat naar iets wat ons raakt, wat ons boeit, niet naar eenheidsworst. Soms is het minimalistisch, maar het mag ook wat gekker, met kleur.”
Zoë: “We staan trouwens geen van beiden uren voor de spiegel. Kleding kiezen gaat snel en gevoelsmatig. Soms zegt iemand me: ‘Mooi wat je aanhebt, maar ik zou het niet durven’. Dat blijft me verbazen, want ik heb nooit de indruk dat ik me gewaagd kleed.”
Boris: “Ik vind dat wij ons heel gewoon kleden, normaal. Ik denk daar niet te veel over na, en ik wil zeker geen statement maken.”

Hebben dit najaar

Foto: Liesje Reyskens