Een ivf-traject is niet zelden een hobbelig parcours, vertellen gynaecologe Frauke Vanden Meerschaut en fertiliteitsarts An De Baerdemaeker van de afdeling Reproductieve Geneeskunde van de Vrouwenkliniek van het UZ Gent. Ongeveer een op de vier vrouwen blijft na de behandeling kinderloos achter.

Een hobbelig parcours

An: “Een ivf-behandeling is telkens weer een hindernissenparcours: bij elke stap kun je zowel goed als slecht nieuws krijgen. Lukt de bevruchting? Zijn de embryo’s klaar om zich in te nestelen? Leven de ingevroren embryo’s nog na de ontdooiing? Aan het begin van een zwangerschap kunnen er ook miskramen optreden, er bestaat een kleine kans dat het kindje een afwijking heeft of er kunnen complicaties optreden tijdens de zwangerschap of bij de bevalling. Slecht nieuws hoort gewoonweg bij onze job. Er zijn natuurlijk verschillende varianten: als het bij de eerste poging niet lukt om een embryo terug te plaatsen, kan het zijn dat dit bij de tweede poging wél lukt. Je creëert telkens weer een nieuwe kans. In elk parcours zijn er daardoor periodes waarin het even spannend wordt en de resultaten kunnen tegenvallen.”

Face to face of via de telefoon

Frauke: “Slecht nieuws brengen, wordt nooit gemakkelijker, maar je groeit daarin wel als arts. Wanneer je als pas afgestudeerde twintiger tegen een 43-jarige vrouw moet vertellen dat ze geen biologische kinderen meer kan krijgen, is dat heel wat moeilijker dan wanneer je tien jaar ouder bent en zelf al steviger in het leven staat. Je leert ook veel van patiëntencontacten en stelt je manier van praten bij.”

 ‘Amper de helft van de informatie komt echt binnen op zo’n moment’

Frauke: “Het moeilijkste blijft om slecht nieuws via de telefoon te brengen, al kun je dat niet altijd vermijden. Als we ’s ochtends in het labo zien dat een embryo het niet overleefd heeft, gaan we patiënten niet helemaal tot hier laten reizen voor hun geplande terugplaatsing. Op de vraag of een evaluatiegesprek aan het einde van het traject niet via de telefoon kan, ga ik nooit in. Face to face uitleggen waarom wij als fertiliteitsteam niets meer kunnen doen, heeft een grote meerwaarde. De ervaring leert me dat het belangrijk is om de nodige stiltes te laten vallen en niet rond de pot te draaien: ‘Ga zitten, ik heb slecht nieuws’.”

Frustratie, schuldgevoel, verdriet

An: “Wetenschappelijke studies tonen aan dat amper de helft van de informatie echt binnenkomt op zo’n moment. We geven mensen dan ook altijd een aantal dagen om het nieuws te laten bezinken. Ik raad hen aan om hun gedachten te verzetten – door iets leuks te plannen, zodat ze even hun batterijen kunnen opladen – en de tijd te nemen om een lijstje met vragen op te stellen voor een later gesprek. Daarbij merk je dat mensen vaak zelf al oorzaken beginnen zoeken. Een van de meest voorkomende vragen is de schuldvraag. ‘Ligt het dan toch aan mij?’, dat is een vraag die wij zo snel mogelijk proberen te ontmijnen, want die helpt niemand vooruit. Het gaat erover wat wij hen qua ondersteuning kunnen bieden.”

Frauke: “Een echte stopzetting van het traject voel je vaak samen aankomen. Het zijn vooral de onverwachte problemen waar we zelf geen antwoord op hebben die het soms erg frustrerend maken. De meeste patiënten begrijpen gelukkig ook dat wij op die momenten even machteloos staan als zij. Dat zorgt uiteraard voor woede en verdriet, maar vooral op de situatie. Ik heb niet het gevoel dat ons dan iets verweten wordt. Op die momenten heb ik al meer dan eens een traantje weggepinkt samen met een patiënt. Afscheid nemen van een kind dat er nooit is geweest, maakt de situatie niet minder droevig.”

Meer over werk, geluk en relaties

Tekst door: Jorik Leemans – Foto: Liesbet Peremans