Zij stapte dit jaar uit Thuis, nadat ze drie jaar gestalte gaf aan Kaat, formerly known as Franky. Hij bracht Bart Kaëll aan het huilen met een waanzinnig mooie versie van ‘La Mamadora’, maar bracht ook een indrukwekkende soloplaat uit. En, wat zijn de plannen voor volgend jaar?

Ik ben er al honderden keren achteloos voorbijgereden: de opzichtige, fuchsia garagepoort op een drukke steenweg in Hoboken. Achter die poort gaat echter een rijk, muzikaal universum schuil, de studio en het atelier van Stef Kamil Carlens. Op de bovenste verdieping woont bevriend kunstenares en juweelontwerpster Miriam de la Paz. We zijn te gast in wat ze zelf haar tiny house noemt: een Frida Kahlo-achtige ruimte vol kleur, humor en planten. Leen en Stef drinken al een kopje thee als ik binnenkom. Leen draagt een opvallende kleur oranjerode lippenstift: kenmerkend voor haar uitbundige, extraverte karakter. Het vormt een interessant contrast met Stef Kamil, die tijdens het hele gesprek bedachtzaam pauzes inlast, steeds op zoek naar de juiste woorden.

Kenden jullie elkaar al?

Leen: “Natuurlijk ken ik Stef. Maar jij kende mij niet, hé?”

Stef: “Ik kijk zelden tv, dus dat is lastig. Maar mijn ouders kijken naar Thuis, zij wisten meteen wie je bent ( lacht). Je begon je rol als man… of hoe was het nu weer?”

Leen: “Ik heb de rol overgenomen van een man die naar Amerika vertrok, daar in transitie ging en terugkwam als vrouw.”

Stef: “Interessant.”

Leen, jij bent getrouwd met Udo, een muzikant. Stef, jij bent zelf muzikant. Is er een soort handleiding voor partners van muzikanten?

Leen: “Laten doen, zeker? We hebben een piano in onze living en midden in de nacht hoor ik hem soms spelen. Of hij pakt zijn telefoon in bed, begint erin te zingen en murmelt er wat akkoorden bij. Oké, hij maakt weer iets nieuws, denk ik dan. Maar dat is bij mij net hetzelfde: ik heb vrijheid nodig om mijn ding te doen. Op creativiteit staan geen uren.”

Stef: “Ik werk samen met mijn vrouw Laurence. Zij organiseert alles, al twintig jaar. Zonder haar zou de wereld instorten. Ik ben zelf ook goed georganiseerd, maar het is veel werk en plannen. Gelukkig zijn we er samen in gegroeid. Ik werk gewoon altijd, maar ik doe het graag, ik ben geobsedeerd. Elke dag, elk weekend, elke vakantie.”

Ik heb vrijheid nodig om mijn ding te doen. Op creativiteit staan geen uren.

Hoe definieer jij ‘werken’?

Stef: “Ik ben niet enkel muzikant, maar ook schilder en beeldhouwer. Als ik een plaat maak, werk ik er twee of drie jaar aan. De laatste zes maanden zijn het meest intensief, dan kan ik het niet meer loslaten en wordt het een obsessie, tot aan de finish. Net zoals wanneer ik een tentoonstelling organiseer. Ik werk ook veel in opdracht van andere muzikanten of filmmakers, zoals Jan Fabre. Dat is iets relaxter dan bezig zijn met mijn eigen werk.”

Leen, als we het dan toch over werken hebben: jij bent gestopt met Thuis. Je vaste baan is weggevallen.

Leen: “Ik ben nooit gestopt met theater maken, intussen ben ik altijd freelancer gebleven. Ik speel nu mee in verschillende stukken. Dat betekent uitslapen, in de namiddag vertrekken, ’s avonds spelen en in het midden van de nacht thuiskomen. Ik geef ook weer lezingen, naar aanleiding van mijn boeken.”

Stef: “Ik heb je daar op de radio eens over horen vertellen.”

Leen: “Mijn eerste boek ging over liefdesverdriet. Het was mijn eindwerk voor de opleiding Assistent in de Psychologie. Ik wilde onderzoeken of je kunt sterven aan een gebroken hart.”

Wat was de conclusie? Kun je er effectief aan sterven?

Leen: “Absoluut. Ons hart is een teer ding. Je wordt alleen geboren, maar gaat meteen op zoek naar mensen met wie je samen een pad kunt bewandelen. De manier waarop je je aan mensen hecht, loopt gelijk met hoe je rouwt als je ze verliest. Het hakt erin, als iemand je verlaat.”

Heb je dat zelf ook meegemaakt?

Leen: “Natuurlijk. Ik denk bijna iedereen, van pubers tot bejaarden. Daarom heb ik het ook geschreven, omdat het zo’n universeel gevoel is.”

Is dat een onderwerp waar jij ook graag over zingt, Stef?

Stef: “Ik heb er in ieder geval al ontelbare songs over geschreven. Ik zeg het live ook vaak: ‘Nu ga ik er nog eentje doen uit het boek van gebroken harten’. Het is een dankbaar onderwerp.”

Leen, ik las in een interview dat je heel gelukkig bent en zelfs een klavertjevier op je pols liet tatoeëren. Maar daarnaast heb je ook veel angstaanvallen, het onderwerp van je tweede boek.

Leen: “Mijn geluk staat los van die angstaanvallen. Ik ben een heel gevoelige perfectionist. Prikkels komen bij mij een tikkeltje harder binnen. Het is begonnen met een veel te drukke agenda. De tijd die ik vroeger had voor mezelf, viel plots weg. Terwijl ik net veel tijd nodig heb om emoties te verwerken. Van een onnozele file tot een diepzinnig gesprek, alles moet een plaats krijgen, anders loopt het fout. Ik ben blij dat ik het nu besef, op mijn vijfendertigste.”

Stef: “Dat is zo herkenbaar. Ik heb een periode ook alleen maar concerten gespeeld in het buitenland, altijd maar bezig bezig bezig… Geen tijd om dingen te processen. In 2009, na twintig jaar, was het tijd voor iets anders. Ik heb dan zes jaar theater gemaakt en kwam veel in contact met kunstenaars uit andere disciplines. Ik trok ook een tijdje naar Afrika, qua chill-plek ideaal. Dat heeft me artistiek heel goed gevoed. Sindsdien zorg ik ervoor dat ik tijd openlaat voor reflectie en studie.”

Leen: “Je moet ook gewoon eens thuis kunnen zijn. Ik ben opgegroeid zonder gsm, naast mijn grootouders. Een stoel buitenzetten, de vogels horen fluiten. Dat was de mindfulness van toen. Op een bepaald moment was ik tegelijk bezig met tv-kijken, de krant lezen en mijn agenda invullen. Nu lees ik gewoon mijn krant. Punt.”

Ik ben een heel gevoelige perfectionist. Prikkels komen bij mij een tikkeltje harder binnen.

Jullie houden er allebei van om bezig te zijn met verschillende disciplines. Geen zin om in een vakje geduwd te worden?

Leen: “Ik pin me niet graag vast. Ik hoop dat ik altijd toneel wil blijven spelen, maar misschien komt er een moment dat ik kooklessen ga volgen of tickets verkopen in een cultureel centrum. Ik volg mijn buik.”

Stef: “Muziek is mijn belangrijkste bezigheid, altijd geweest. Op mijn vierentwintigste kregen we plots succes over heel Europa en werden we in een wervelwind getrokken. Dat heeft ongeveer twintig jaar geduurd. Ik liet me drijven. Maar plots moest het stoppen. Ik wilde zelf beginnen te sturen. Bij jou kan ik me ook voorstellen dat als je graag met taal bezig bent, de stap naar schrijven heel logisch is.”

Leen: “Door bezig te zijn met taal ontdekte ik wat ik graag speel. Ik ben een grote fan van Woody Allen, van filosofische dialogen. Maar ik doe heel tegenstrijdige dingen. Naast het filosofische, speel ik veel komedie. Ook niet eenvoudig hoor, timing kun je niet zomaar leren.”

Zou je geen eigen theaterstukken willen schrijven?

Leen: “Nee, dat denk ik niet. Maar misschien wel andere boeken. Ik heb ontdekt dat ik een bepaalde stijl heb en ik doe het heel erg graag. Daarin wil ik groeien. Wie weet, ga ik ooit fictie schrijven, maar ik moet het eerst zelf goed vinden.”

Word je vaak gevraagd voor rollen die je graag zou spelen?

Leen: “Nee, voorlopig nog niet. In het begin speel je natuurlijk zo veel mogelijk, omdat je gezien wilt worden. Daaruit volgen misschien andere rollen.”

Met Kaat in Thuis heb je geschiedenis geschreven in ons land. Iemand als Scarlett Johansson durfde het toch niet aan om een transgender te spelen. Ze kreeg enorm veel kritiek toen ze voor zo’n rol gecast werd en stapte uit het project.

Leen: “Maar dan moet je al verkracht zijn om een verkrachte vrouw te spelen. En je mag geen dief spelen voordat je een bank hebt overvallen. Je moet nog kunnen spelen, hé. Wat ik belangrijk vind in deze maatschappij is dat een transgender ook een cisgender mag spelen. Dat die eens gecast wordt als dokter, advocaat, moeder of zoon. Dat zou een belangrijke stap zijn.”

Stef, jij hebt ook altijd een androgyne look gehad. Heb je daar commentaar op gekregen?

Stef:  “Ja, maar ik heb daar eigenlijk nooit last van gehad.”

Je nieuwe plaat heet Making Sense of ∞, uitgesproken als ‘infinity’. Wat betekent oneindigheid voor jou?

Stef: “De plaat is vrij politiek. In mijn songs probeer ik na te denken over het kapitalisme en de houdbaarheidsdatum daarvan. Zeker ook in combinatie met ecologie, de spanning tussen die twee. De mens die altijd veel wil, veel verlangens heeft, zijn leven vol wil steken met ervaringen, dingen, stuff. Ik probeer uit te zoomen, de mens op een tijdlijn te plaatsen. Wat ervoor komt, is veel groter dan je eigen leventje, wat erna komt hopelijk ook. Die nietigheid eigenlijk van dat ene mini-leventje dat zo belangrijk is. Dat geldt zeker ook voor mezelf. Het geluk moet gezocht worden, het moet vol zijn. Ik vertel de verhalen van mensen die heel dicht bij de dood hebben gestaan, iets ergs overleefd hebben. Ze hebben extra tijd gekregen, ze hebben eventjes de essentie gevoeld. Het zou fantastisch zijn om dat inzicht te kunnen bereiken zonder eerst door de miserie te moeten gaan.”

Valt zoiets uit te drukken in woorden?

Stef: “Het eindige van ons leven blijft abstract. Op de hoes van de plaat staat een skelet met een feesthoedje. De dood wacht op ons, maar we doen alsof hij niet bestaat. Heel filosofisch, hé?”

Heb jij de plaat al gehoord, Leen?

Leen: “Nee, maar als ik zo naar Stef zit te luisteren, vind ik het razend interessant. Ik heb nog niet zo dicht bij de dood gestaan, maar tijdens mijn paniekaanvallen dacht ik soms dat ik een hartaanval kreeg. Nadien heb ik mijn leven anders ingekleurd. Dus dat komt ergens wel op hetzelfde neer.”

Als we het over oneindigheid hebben, dan hebben we het ook over onszelf voortplanten. Hoor jij de biologische klok tikken, Leen?

Leen: “Het is een heel persoonlijke kwestie. Ik ben me ervan bewust dat het taboe is om geen kinderen te willen, maar ik voel het echt niet. Ik geef mezelf nog vier jaar. Misschien komt de drang om moeder te worden nog, maar voorlopig wil ik gewoon liefde geven aan mijn man. Ik wil de tijd om een boek te lezen nog niet opgeven om pampers te verversen. Ik word nu eenmaal blijer van een boek dan van een baby (lacht). Stef, jij hebt toch een zoon hé?”

Stef: “Ja, hij is zeventien. Ik had die drang ook niet, mijn vrouw evenmin. Maar ergens had ik het gevoel dat ik het misschien toch wel wilde.”

Leen: “Hoe bedoel je?”

Stef: “Het was heel intuïtief. Mijn vrouw was er niet keihard tegen, op een bepaald moment zijn we er gewoon voor gegaan. We waren al lang samen, onze relatie zat goed. We zijn nog altijd samen. Ik ben wel heel blij dat ik vader ben, maar verder wil ik niet te veel zeggen over mijn zoon, hij heeft z’n eigen leven, dat hoeft niet in de pers.”

Geen probleem, dan praten we over iets anders. Jullie hebben allebei deelgenomen aan een VTM-programma met BV’s. Leen, jij zat in Dancing with the Stars . Stef, jij deed mee aan  Liefde voor Muziek.

Stef: “Wat moest je doen Leen? Dansen?”

Leen: “Ja, ik heb alle stijldansen geleerd.”

Stef: “Wow! Dat zou ik ook willen doen.”

Leen: “Ik heb altijd gedanst als hobby, maar hier werd ik betaald om met een professionele danser alles te leren. Een droom! Je duikt erin, leert bewegen… Als ik nu naar het tweede seizoen kijk, komt alles weer terug. Dans jij graag, Stef?”

Stef: “Ja, heel graag. Maar ik kan niet samen met iemand dansen. Dat is zo stuntelig… Als ik alleen dans, voel ik mij meer op mijn gemak, zekerder.”

Leen: “Ik dacht dat niemand mij kon leiden, maar dat leren ze je wel.”

Stef: “Ik heb het een keer gedaan op café ’s avonds. Vreselijk was dat. Die vrouw was ook actrice. Ze kon heel goed dansen. Maar die techniek… De man moet leiden, maar als je dat niet kunt en al niet echt een ‘man man’ bent, dan is zo’n situatie heel ingewikkeld. Zeker met iemand die het wel kan. Ik ging volledig de mist in ( lacht). Maar het trekt me wel aan, misschien wel leuk om daar ook eens aan mee te doen.”

Leen, heb jij hem gezien in Liefde voor Muziek?

Leen: “Ja, ik kijk daar graag naar.”

Ik heb enorm genoten van je versie van  La Mamadora.

Stef: “Dank je.”

Leen: “Dat is toch geweldig? Zo’n programma trekt alle grenzen open. Mijn man is ook zo moeilijk in een hokje te plaatsen. Hij is bekend geworden met een Engelstalig nummer, maar schakelde dan over op het Nederlands, maar het zijn geen schlagers… Mensen hebben het lastig om hem in een categorie onder te brengen.”

Stef: “Ik vond het een fantastische ervaring. Het klopt dat je in een hokje wordt geduwd. Ik zit in het alternatieve hokje, zonder dat ik daar zelf voor heb gekozen. Op zich is dat geen probleem. Ik had het programma wel nog nooit gezien toen ze belden, maar er is een wereld voor mij opengegaan.”

Kende je de andere muzikanten?

Stef: “Ja, vooral hun muziek dan. Maar van Bart Kaëll had ik nog nooit iets gehoord.”

Wat was voor jou het leukste moment in de reeks?

Stef: “Toen Laura Tesoro mijn nummer Thinking about you all the time zong. Ik werd omvergeblazen. Ze komt wat verlegen over, maar toen ze eenmaal begon te zingen… met die lichtshow erbij… Zo’n stem! Wat was dat?! We hebben trouwens nog contact met elkaar.”

Er is op je plaat één nummer dat ik als journalist heel interessant vind: Painted Glass. Je hekelt de media, dat het niet meer duidelijk  is wat fake is en wat niet. Wat zijn jullie persoonlijke ervaringen daarmee?

Leen: “Wij kunnen nu met jou dit interview doen. Enkele dagen na publicatie wordt het opgepikt door HLN. Die pakken er één zin uit, halen die uit de context en maken er een sensationeel verhaal van.”

Stef: “Het is gewoon vreselijk, dat soort media haat ik. Ik kom er zelf gelukkig niet mee in contact, het voordeel van een alternatieve artiest te zijn. Het nummer dat je aanhaalt, is een metafoor. Je kijkt eigenlijk altijd door glas, waarop iets is bijgeschilderd of verwijderd. De realiteit wordt vervormd. Er zijn tegenwoordig zo veel rookgordijnen, de verwarring is totaal. Wie wordt door wie gemanipuleerd?”

Hebben jullie al voornemens gemaakt voor 2020?

Stef: “Ik ga er eentje maken: dan staat het ook zwart op wit en kan ik niet meer terug. Volgend jaar ga ik opnieuw meefietsen voor Kom op Tegen Kanker. Het is een super initiatief, ook voor mezelf. Raak ik eindelijk weer in vorm.”

Leen: “Ik maak totaal geen voornemens. Het ene jaar is het 2019, het andere 2020. ”

 

Lees meer diepte-interviews en psycho: