Als ik mijn zoons zie, dan heb ik nog altijd de reflex: daar hoort een papa bij, wij horen een gezin te zijn. En die droom heeft hij mij afgenomen. Dat gevoel van falen dat een echtscheiding met zich meebrengt, is er nog steeds. Niet zo erg dat het mij verhindert een nieuw leven op te bouwen en te proberen gelukkig te zijn. Maar die scheiding blijft een trauma.

Ik verwijt hem vooral dat hij nooit heeft willen vechten voor ons gezin.

Hij heeft de makkelijkste oplossing gekozen: een andere madam, jonger en beter. Zijn vertrek was een donderslag. Ik zie me nog staan, zondagochtend, in mijn pyjama. Ik was zo van slag dat hij me een duw heeft moeten geven, om te zien of ik nog leefde. Ik was verlamd. Maar eigenlijk, vanaf de eerste dag dat wij getrouwd waren, en dat ik zwanger was van ons eerste kind, zat er iets scheef. Ik kon het niet benoemen, maar er was iets. Hij werd koel, afstandelijk, emotioneel onbereikbaar. Nooit een lief gebaar, nooit een vriendelijk woord, nooit een compliment. Na onze oudste zoon heb ik een miskraam gehad, en daar was ik kapot van. Mijn hormonen gingen alle kanten uit, ik huilde de hele tijd, en hij zei keihard: ‘Stop nu eens met dat gejengel’. Ik heb mijn verdriet weggeslikt, maar dat onbegrip heeft me vreselijk pijn gedaan. Zo veel pijn dat ik tijdens mijn tweede zwangerschap naar een advocaat ben gestapt om te zien wat mijn mogelijkheden waren. Die zei: ‘Ben je zeker dat dit is wat je wilt? Je hebt een klein zoontje, je bent zwanger van een tweede, zou je niet proberen om die relatie goed te krijgen?’ Ik heb het geprobeerd. Ik heb hem ooit een lange brief geschreven om te zeggen hoe ongelukkig ik was. Die lag de volgende ochtend op de grond, zo belangrijk vond hij dat. Maar ik besef nu wel dat mijn gevoelens niet helemaal duidelijk waren, dat ik niet goed heb gecommuniceerd.

Lees verder op de volgende pagina

1 2 3 4
bekijk op één pagina

Meer artikels over relaties: