Jaloerse collega’s, een onredelijke baas, urenlange files of vervelende klanten: soms werkt je werk gewoon niet meer. En dan hou je maar beter de eer aan jezelf. Zij gaven hun ontslag, en zijn nog altijd opgelucht…

Ontslag nemen is vandaag geen taboe meer. De bange Vlaming (‘Je wordt toch geen zelfstandige?!’) maakt plaats voor werknemers of freelancers die niet aarzelen om zekerheden op de helling te zetten. Uit het Unizo Freelance Focus-rapport van 2020 bleek dat er in Vlaanderen sinds 2017 zelfs een stijging was van bijna 20 procent meer freelancers. Werknemers snakken naar vrijheid om hun job in te vullen op een manier die past bij hun persoonlijkheid. De kans om thuis te blijven bij een ziek kind. Opleidingen te mogen volgen. Kunnen doorgroeien. De burn-out voorblijven.

De coronacrisis fungeerde daarin zeker als een katalysator. Het maandenlange thuiszitten legde voor veel mensen haarfijn alle pijnpunten in hun carrière bloot. De druk op de eerstelijnszorg zorgde voor een nooit geziene protestgolf bij het medisch personeel. In De Standaard verschenen onlangs aangrijpende getuigenissen van huisartsen die uit zelfbehoud een andere carrière kozen. Maar ook in andere sectoren kwamen mensen langzaam tot het besef wat voor waanzin het is om drie uur per dag in de file te staan of een job uit te oefenen die je nauwelijks gelukkig maakt.

“Door plots maandenlang thuis te kunnen werken, vereenzelvigden werknemers zich niet meer met hun job. Daardoor werd de drempel om een nieuwe te zoeken, lager”

Sinds corona uitbrak, is zelfs een op de vijf werknemers minder positief over zijn werk. Dat bleek uit een studie van onderzoeksbureau Indiville, onder leiding van professor Anja Van den Broeck, die arbeidsmotivatie-expert is aan de KULeuven. We wandelden en mediteerden en stelden onszelf vragen over de meerwaarde van onze job. Of het dit nu was, tot aan ons pensioen. Niet dat we massaal ons contract in stukken scheurden, maar de drempel om een andere job te zoeken is wel degelijk een stukje lager geworden. Een studie van de KULeuven en interimbedrijf Tempo-Team toonde aan dat een op de tien werknemers op dit moment uitkijkt naar nieuw werk: twee keer zoveel als voor de coronacrisis.

De druppel: Ik neem ontslag

In de VS, waar in januari van vorig jaar nog 3,3 miljoen werknemers vrijwillig ontslag namen, spreken de media over ‘The Great Resignation’: door plots maandenlang thuis te kunnen werken, vereenzelvigen werknemers zich niet meer met hun job. Het is niet langer de kern van hun wezen. Maar toch blijft ontslag nemen een zeer ingrijpende en emotionele gebeurtenis in je leven. Verandering is soms noodzakelijk, maar nooit makkelijk. Dat bewijzen deze getuigenissen van twaalf Feeling-lezers die hun carrière een drastische nieuwe wending gaven.

Hannah (48): “Toen mijn ouderschapsverlof op was, werd mijn 4/5-contract me geweigerd”

Na een directeurswissel in ons bedrijf mocht ik plots niet langer 4/5 werken. Na twee zwangerschappen had ik telkens ouderschapsverlof genomen en ik was dus al een hele tijd in dat ritme aan het werken. Toen het ouderschapsverlof was afgelopen, vroeg ik officieel een 4/5-contract, maar dat werd me geweigerd. Terwijl ik er al zeven jaar werkte en ik élk jaar stijgende cijfers in de verkoop kon voorleggen. Eigenlijk werkte ik net zo hard en met een vergelijkbaar resultaat als mijn collega’s die 5/5 werkten. Met opgeheven hoofd nam ik ontslag en begon ik bij de concurrentie. Mét een 4/5-contract.”

Sandrine (43): “Plots lag ik niet meer in de schuif van jonge, groeiende journalisten”

Ik werkte al een tijdje voor een maandblad toen er een nieuwe hoofdredacteur kwam. Plots lag ik niet meer in de schuif van jonge, groeiende journalisten en werd ik ingezet om een gangbang te verslaan. Ik uitte mijn ethische bezwaren, maar die sloeg hij in de wind. Ik heb een heel weekend gehuild, want ik wilde het echt niet doen. Op maandag heb ik ontslag genomen en startte ik mijn loopbaan als freelancer. Vandaag ben ik heel blij, want dat werd uiteindelijk een fijn en leerrijk avontuur. Maar nu, ouder en wijzer, zou ik waarschijnlijk niet meer zo impulsief ontslag nemen.”

Hatty (32): “Toen een tafel mij ervan beschuldigde dat de rekening niet klopte, was de maat vol”

Werken in de horeca is een uitdaging: je maakt lange uren en hebt een stappenteller die ’s avonds roodgloeiend staat. Toch doe ik dat werk heel graag. Tot enkele jaren geleden deed ik de zaal van een leuke, eigentijdse bistro die werd uitgebaat door een tof koppel. Maar wat het voor mij op den duur heel lastig maakte om vol te houden, waren de moeilijke klanten. Elke week waren er wel een paar mensen die ronduit vervelend deden. Mensen zonder klasse, die met de vingers knippen alsof je een hond bent. Die doen alsof ze verstand hebben van wijn, maar niet weten dat merlot een rode druif is. Mensen die hun biefstuk saignant gebakken vragen en vervolgens klagen dat die ‘te rauw’ is. Het kostte me zoveel energie dat ik het niet meer kon opbrengen. Er was één voorval dat voor mij de druppel was: een tafel die mij beschuldigde dat de rekening niet klopte en met veel tamtam de chef erbij riep. Dat was zo vernederend dat ik de dag erna ontslag heb genomen.”

Erwin (27): “Het was vechten, vechten en vechten zonder iets terug te krijgen”

“Covid heeft het leven van veel mensen op zijn kop gezet, maar voor mij betekende het ook een carrièrewissel. Ik werkte al enkele jaren als verpleger in een groot ziekenhuis toen in maart 2020 de eerste covidslachtoffers binnenstroomden. Aanvankelijk waren we met ons team enorm daadkrachtig en gemotiveerd. Maar het hield niet op. Er veranderde niets. Het was vechten, vechten en vechten. Zonder iets terug te krijgen. Op den duur besefte ik dat ik gewoon niet masochistisch genoeg ben om hieraan mee te doen. Met heel veel pijn in het hart heb ik beslist een ander pad te bewandelen en ben ik begonnen aan een herscholing.”

Pieter (29): “Mijn droom van leerkracht worden, kwam niet overeen met de realiteit”

Met veel enthousiasme begon ik, na mijn studies, geschiedenis te geven in het middelbaar. Ik wou echt iets betekenen in het leven van jongeren. Maar mijn beeld was veel te romantisch. In de realiteit kwam ik terecht in een administratieve rompslomp en had ik posities op verschillende scholen, waardoor ik ook geen goede band kon opbouwen met mijn collega’s. En om heel eerlijk te zijn, had ik gewoon niet genoeg geduld met de leerlingen. Ik ben overgeschakeld naar een studiebureau van de overheid.”

Sander (47): “Financieel ben ik goed weggekomen, maar onze vriendschap is over”

Samen met mijn beste vriend richtte ik een conceptstore op. Aangezien hij meer kapitaal inbracht, werd hij zaakvoerder. Die eerste jaren waren fantastisch; onze zaak werd een succes. Maar na een tijdje merkte ik dat er boekhoudkundig van alles niet in orde was. Als ik hem daar vragen over stelde, wimpelde hij me af. Intussen verhuisde hij met zijn vrouw naar een prachtige villa en kocht hij een beest van een wagen. Ik voelde dat het niet goed kon aflopen, want zoveel was ons bedrijf nu ook weer niet waard. Ik besloot eruit te stappen en mijn aandelen aan hem te verkopen. Hij stribbelde eerst tegen en de relatie verzuurde enigszins, maar hij ging toch in op mijn voorstel. Net op tijd, bleek achteraf, want nog geen jaar later werd het bedrijf failliet verklaard. Ik ben er financieel goed mee weggekomen, maar onze vriendschap is over.”

Eva (40): “Plots legde mijn baas zijn handen op mijn billen”

Ik heb communicatiestudies gedaan en mijn droomjob was ‘iets in de media’. Na mijn stage bleef ik hangen bij een reclamebureau dat nog geen grote potten had gebroken, maar ik beschouwde het als een mooi opstapje voor mijn carrière. Alleen, de baas was echt een vreselijke man. Hij was best populair, maar ik wantrouwde zijn jovialiteit. Ik had gelijk, bleek later. Op een van de bedrijfsfeestjes had hij iets te veel gedronken en plots stond hij achter me. Hij legde zijn handen op mijn billen en fluisterde in mijn oor dat ik een gewéldige kont had. Het rare was dat hij het niet stiekem deed, maar open en bloot, alsof het heel normaal was om zoiets te zeggen tegen een van je werknemers. Iedereen rondom mij lachte er schaapachtig mee, niemand uitte bezwaar. Dat was voor mij voldoende om mijn carrière elders verder te zetten.”

Meer over werk:

Tekst: Evelien Rutten. Openingsbeeld: Getty Images.