‘Terwijl ik in de garage aan het fitnessen was, stond Ashton me aan te kijken: wanneer gaan wíj eens naar buiten?’

Het fitnessprogramma hield ook cardio in. Dus besloot ik met Ashton te gaan rennen. Wat was dat?! De eerste keer kwam ik uitgeput thuis. Ik zag helemaal rood en constateerde dat ik amper calorieën had verbrand, maar ik zette door. De hond vond het heerlijk. Ik stond om zes uur op om te lopen vóór ik naar mijn werk vertrok. Onderweg nam ik foto’s van Ashton en mij bij zonsopgang op het platteland. Ik voelde me als herboren, ervaarde al snel de bekende runner’s high. Al snel ontwikkelde ik een eigen loopschema samen met de hond: drie keer per week, telkens tussen de 5 en 10 kilometer.

Ashton is in zijn element; hij weet van geen ophouden als hij aan het rennen is. Inmiddels heb ik zelfs een tweede hond – Noosa – waarmee ik canicross doe: met een band om je middel loop je mee met de hond die met een riem aan de band bevestigd is. Noosa heeft een enorm uithoudingsvermogen, ik kon niet anders dan hem meenemen. Zo gaan we voortaan met z’n drieën op de loop!”

1 2
bekijk op één pagina

Lees ook andere getuigenissen:

Tekst: Joanie De Rijke – Foto: Liesbet Peremans