Foodjournaliste Evelien Rutten geeft elke maand in Feeling haar onverbloemde, overheerlijke mening over de nieuwste restaurants en de laatste foodtrends. Evelien proeft voor en fileert haarfijn wat ze op haar bord krijgt. Geen greintje snobisme, maar eerlijke updates over wining-and-dining waar jij als lezeres van zult smullen. Deze week ging Evelien langs in het zelfbedieningsrestaurant De Serre in Antwerpen. 

Lang, lang geleden, eind jaren ’70. We waren thuis met vier kinderen. Mijn moeder was huisvrouw, mijn vader bediende. Nu ik zelf een gezin heb met slechts één kind en we allebei fulltime werken, begrijp ik niet hoe mijn ouders dat financieel voor elkaar kregen. Was het leven echt zo veel goedkoper toen? Waarschijnlijk beheersten mijn ouders veel beter dan ik de kunst van het zuinig leven. Op restaurant gaan was een zeldzame verwennerij, zeker met vier kleine kinderen. Naast frituur Jeanne in Zutendaal, een omgebouwde bus waar we soms met zijn zessen aan een campingtafel kropen, gingen we op speciale dagen naar het Sarma zelfbedieningsrestaurant, de voorloper van Lunch Garden. Daar mochten we elk met ons eigen dienblad een bestelling plaatsen bij de mevrouw met de witte schort. Meestal koos ik voor vol au vent of stoofvlees met frieten. Wat. Een. Feest. Ik vermoed dat alles nog ter plekke en vers werd gekookt, in tegenstelling tot de vacuüm getrokken, voorgekookte maaltijden die er vandaag over de toonbank gaan. Toch moet ik hier en nu een bekentenis doen. Op de dagen dat ik heel België doorkruis en me van het ene interview naar het andere rep, stop ik af en toe aan een wegrestaurant. Het is mijn guilty pleasure, zeker als ik op korte tijd iets te vaak getafeld heb in ernstige restaurants. Heerlijk anoniem, zonder gedoe, mezelf overgeven aan een troostende berg puree met balletjes in tomatensaus. Ik weet dat het crap is, maar op zo’n momenten voel ik me weer zes jaar oud.

Op de dagen dat ik heel België doorkruis, stop ik af en toe aan een wegrestaurant. Het is mijn guilty pleasure, zeker als ik op korte tijd iets te vaak getafeld heb in ernstige restaurants. Heerlijk anoniem, zonder gedoe, mezelf overgeven aan een troostende berg puree met balletjes in tomatensaus.

Ik was dan ook erg benieuwd naar De Serre in Antwerpen: een nieuw zelfbedieningsrestaurant dat werd aangekondigd als experimenteel en volkomen toekomstgericht. Er zou zelfs geen personeel werken in de zaal, wat voor heel wat online gemor zorgde bij bepaalde horecavrienden. Bestellen en betalen moest voortaan met een app.

De Serre is gelegen in een vroegere school en maakt deel uit van wat nu een bruisende ‘Start-Up Village’ is. Je wandelt binnen door een poort en staat plots op een verrassend groen binnenplein met tafels en stoelen. Ik kan me voorstellen dat het geen straf is om hier te vertoeven op zonnige dagen. Maar ik zou toch liever binnen zitten: het restaurant zelf is namelijk een adembenemende ruimte, waar kosten nog moeite werden gespaard. Ik zie glas in lood-constructies met kevers en andere insecten, rieten stoelen en exotische planten in hangende, geometrische structuren. Wa
t ook opvalt, is de aanwezigheid van Een Mens. Gelukkig maar. Ik hoef dus géén app te downloaden en kan gewoon bij deze vriendelijke jongedame terecht. ‘Geen personeel’ was dan waarschijnlijk toch iets te modern. Het menu bestaat uit koude gerechten die je zelf uit de toog kunt nemen. Alles is verpakt in eco-friendly bruine kartonnen doosjes. Warme schotels bestel je aan de kassa. Een beeper waarschuwt wanneer je bestelling klaar is.

We beginnen met een zalmslaatje met houmous en gefermenteerde groenten. Ik ben aangenaam verrast door de crispy fraîcheur, net alsof het vijf minuten geleden werd klaargemaakt. De krokante, gefermenteerde radijsjes en wortels vormen een heerlijk contrast met de smeuïge houmous en de kraakverse, vette vis. Ik drink er een homemade ice tea bij, met stukjes appel en munt.

Als hoofdgerecht bestel ik de Serreburger met Triple d’Anvers, tomatenchutney en een slaatje. Na tien minuten trilt de beeper en verschijnt de meest glorieuze burger die ik in tijden heb gezien. Een vers, krokant broodje. Een dikke, sappige hamburger. Pittige chutney. Een plak echte kaas. Een gul koolslaatje met rode ui, kerstomaten en komkommer. Holy crap, zo’n lekkere burger at ik zelfs nog niet in een high class burgerjoint. Mijn man heeft de Ruebensandwich besteld, een New Yorkse klassieker met rosbief, zuurkool, kaas en augurk. Ik proef een hapje en ben opnieuw onder de indruk van de complexe smaak. De kok is trouwens niet gierig: de porties zijn meer dan gul.

Holy crap, zo’n lekkere burger at ik zelfs nog niet in een high class burgerjoint.

Ik geef toe dat ik enigszins bevooroordeeld binnenstapte bij De Serre: ik had een nieuw soort Foodmaker of Exqui verwacht, waar je top dollar betaalt voor een bodempje ijskoude quinoa met geroosterde pompoen. Maar ik was aangenaam verrast door de professionaliteit en de ernst van de keuken. Voor ± € 15 heb je zeer correct gegeten in een schitterend decor. Wie een middagje Antwerpen plant en ’s middags niet te veel tijd wil verliezen, weet voortaan waarheen.

Score (max. 5 sterren):

★★★★

De Serre, Lange Gasthuisstraat 29-31, 2000 Antwerpen – www.de-serre.be

Lees hier ook vorige recensies van foodie Evelien Rutten: