De vakantie is officieel voorbij en de routine zit er terug in. Last van stress? Je bent niet alleen: uit een grootschalig Belgisch onderzoek blijkt dat er massaal veel stress is. Koplopers zijn de leidinggevenden, al zijn het vooral de niet-leidinggevenden die moeilijk kunnen omgaan met stress.

Over een periode van bijna drie jaar peilde Mensura, externe dienst voor preventie en bescherming op het werk, via een online bevraging bij ruim 28.000 werknemers naar de mate waarin zij werkgerelateerde stress ervaren. 23% van de ondervraagden had op het moment van de bevraging een leidinggevende functie.

Bazen hebben stress

Wat bleek? Leiding geven vergt wat van een mens, want maar liefst 60% van de ondervraagden gaf aan regelmatig stress te hebben. Bij de niet-leidinggevenden (zowel arbeiders als bedienden) is dat net geen 50%.

Op het vlak van omgaan met werkstress doen de leidinggevenden het dan weer beter. Ook al hebben ze meer stress, ze zijn beter in staat om ermee om te gaan. Zo’n 4 op 5 leidinggevenden (81%) beweren meestal tot altijd op een gezonde manier met hun stressniveau te kunnen omgaan. Bij niet-leidinggevenden is dat minder het geval: bijna 1 op 4 (24%) geeft te kennen soms tot nooit gezond met werkstress om te kunnen.

“Wie veel stress ervaart, werkt misschien meer uren, maar is uiteindelijk minder productief”

Lichamelijke klachten & burn-outs

Bart Vriesacker, stressexpert bij Mensura: “Het aantal werknemers dat substantieel stress ervaart blijkt hoog, gemiddeld 55%. Dat hoeft niet alarmerend te zijn: stress is niet per definitie negatief. Maar als ook de omgang ermee problematisch is, wordt het een voedingsbodem voor kleine of grotere kwalen. Denk maar aan overspannen zijn, lichamelijke ongemakken, tot zelfs burn-out.

“Dat leidinggevenden aangeven beter om te kunnen met werkgebonden stress, heeft vooral met controle te maken. Sturende functies hebben meer sleutels in handen om met hun stress om te gaan, zoals autonomie. Inspraak hebben in wie wat wanneer doet en hoe dat moet gebeuren zijn belangrijke buffers tegen stress.”

“Een collegiale omgeving waar collega’s bijspringen voor elkaar helpt stress te kanaliseren. Maar het omgekeerde is ook waar: een toxische omgeving waar het principe ‘ieder voor zich’ geldt, is een vliegwiel voor druk en spanningen”

Stressoren & stressbuffers

Het onderzoek peilde ook naar stressoren en stressbuffers. Mentale belasting door de werkinhoud (zoals de nood aan concentratie) scoort het hoogst als stressfactor. Daarna volgen werkdruk en emotionele belasting door het werk (emoties veroorzaakt door de aard van het werk en professionele contacten). Ook de moeilijkheidsgraad van het werk en de sfeer op de werkvloer spelen een rol in de stressbeleving.

Bart Vriesacker: “Werksfeer is water én vuur voor stressbeleving. Een collegiale omgeving waar collega’s bijspringen voor elkaar helpt stress te kanaliseren. Maar het omgekeerde is ook waar: een toxische omgeving waar het principe ‘ieder voor zich’ geldt, is een vliegwiel voor druk en spanningen. Negatieve impact op de werksfeer straalt bovendien af op de productiviteit. Wie veel stress ervaart, werkt misschien meer uren, maar is uiteindelijk minder productief.”

Mentale & fysieke gezondheid

Te lange blootstelling aan hevige stress, is nefast voor de mentale en de fysieke gezondheid en kan op termijn een oorzaak van uitval worden. Daarom is het als bedrijf belangrijk om actie te ondernemen om overtollige of aanhoudende stress te verlichten of weg te nemen. Volgens de respondenten zijn heldere werkprocedures en een duidelijke manier van werken de voornaamste stressbuffer.

Een andere niet te onderschatten stressbuffer is (een zekere mate van) vrijheid en zelfstandigheid om het werk zelf te organiseren en beslissingen te nemen. Bart Vriesacker: “Dat is niet in alle jobs evident of zelfs mogelijk. Veel arbeidersfuncties bieden op dat vlak weinig speelruimte en nochtans geeft die groep die duidelijk aan stress te ervaren. In die gevallen is het aangewezen om extra aandacht te besteden aan andere stressremmende factoren.”

Tips van expert Ann De Bisschop:

  • Start je dag vroeg! Zeker voor jonge gezinnen is deze tip belangrijk: door een half uur voor de rest van het gezin op te staan, heb je even tijd voor jezelf. Dat doe ik zelf ook dagelijks en het heeft een enorm effect.
  • Zorg voor voldoende goede nachtrust. Vermijd twee uur voor het slapen gaan blauw licht. Als ik zelf nog werk heb, zet ik mijn zonnebril op om naar mijn scherm te kijken. Het blauwe licht breekt melatonine af, een stofje dat je nodig hebt om te kunnen slapen.
  • Eet gezond en plan voldoende beweging in.
  • Plan in je agenda ook een blokje af voor ‘time to think’, een moment waarop je kunt nadenken, interessante lectuur kunt lezen over je werk of over nieuwe ideeën kunt nadenken. Dat is erg belangrijk om te groeien in je job.
  • Creëer nieuwe gewoontes. Ik start mijn dag bijvoorbeeld altijd met een glas warm water met citroen en gember, dat zorgt meteen voor een kickstart van mijn dag. Maar je moet gewoontes kiezen waar jij beter van wordt.

Meer over carrière: