Na anderhalf jaar thuiswerken mogen we weer naar kantoor. Toch is er veel veranderd. Wordt hybride werken de nieuwe norm of keren we met z’n allen terug naar dezelfde vloer?

In september werden we massaal teruggefloten naar kantoor. Voor de één een verademing na een lange periode van eenzame dagen achter de laptop thuis, voor de ander een gruwel omdat het een verplichte terugkeer betekent naar het oude normaal met files, pendelstress en misschien wel vervelende collega’s. Over de vraag in hoeverre een terugkeer naar het oude normaal anno 2021 nog nuttig is, wordt al maanden hevig gedebatteerd in de directiekamers. Twee dagen per week op kantoor werken en drie thuis? Of andersom? Of het kantoor helemaal opgeven en volledig digitaal aan de slag gaan, zoals we dat het voorbije coronajaar al deden? Dat de (werkende) wereld een aardverschuiving heeft ondergaan door de pandemie, is een onmiskenbaar feit.

Bali of Brussel

“Ik denk dat we naar een hybride omgeving zullen gaan”, zegt Koen Blanquart, digital nomad en auteur van het binnenkort te verschijnen boek Thuisvoordeel, over de werkplek van de toekomst. “We zijn en blijven tenslotte sociale wezens die graag met elkaar samenwerken. Een bedrijf met enig inzicht zal moeten uitzoeken hoe het de zaken asynchroon kan organiseren. In plaats van allemaal op hetzelfde moment naar dezelfde plaats te komen, kun je ook kijken naar wat de werknemers volledig zelf kunnen doen. Of dat nu op kantoor is of op een strand in Bali maakt in principe niet uit.”

Telewerken heeft vooral voordelen als je twee tot drie dagen per week thuis werkt, niet als je dat voltijds doet’ professor Stijn Baert, arbeidsmarktdeskundige en econoom

Blanquart is een internationale Belg met New York als thuisbasis. Als start-upentrepreneur en managementconsultant leidt hij het leven van een digitale nomade. Een wat? “Iedereen die door de kennis- en informatiecultuur een vrijheid van werken heeft kunnen ontwikkelen, is een digital nomad”, legt hij uit. “Dat kan zowel gaan om tijdsonafhankelijk als plaatsonafhankelijk werken.” Blanquart noemt zichzelf ‘ongelooflijk nieuwsgierig’ en was altijd op zoek om nieuwe culturen te leren kennen. Dat lukt natuurlijk niet als je achter je bureau blijft zitten. Dus zocht hij een manier om te kunnen reizen en toch geld te verdienen. Als consultant vond hij klanten die ermee akkoord gingen dat hij voor hen werkte zonder dat hij dagelijks of wekelijks op kantoor hoefde te zijn.

“In 2015 was ik bijna voortdurend onderweg”, schrijft hij in Thuisvoordeel. “In 2016 reisde ik in twaalf maanden tijd naar maar liefst zesenveertig verschillende landen.” Tijdens het reizen begon Blanquart het concept van mobiel werken te onderzoeken. Hij kwam er al snel achter dat de meeste mensen die voor een locatieonafhankelijke carrière kiezen, zelf willen kunnen bepalen waar ze werken en meer controle over hun work-lifebalans willen krijgen. Thema’s waar velen na anderhalf jaar thuiswerk meer dan ooit bij stilstaan. “Natuurlijk blijft het wel belangrijk om als bedrijf synchrone momenten te behouden”, zegt Blanquart. Met ‘synchroon’ bedoelt hij dat er binnen de afgesproken tijden wordt gewerkt, terwijl ‘asynchroon’ betekent dat werknemers niet op hetzelfde moment aan het werk zijn. “Die synchrone momenten zijn nodig vanwege het sociale aspect, maar ook omdat het soms frustrerend en lastig is om bepaalde zaken online en vanop afstand te doen.”

Uit gesprekken met managers in allerlei sectoren, blijkt dat zij synchroon vaak als synoniem voor ‘georganiseerd’ opvatten, schrijft Blanquart in zijn boek. Tegelijkertijd beschouwen ze asynchroon als ongeorganiseerd, of misschien ook als een van die ‘extraatjes’ die een kantoor toestaat, zoals casual Fridays. Maar synchroon werken heeft niets te maken met harmonie, bepleit de auteur. “Ik wil niet zeggen dat synchroon werken niet waardevol kan zijn, maar op een hybride werkvloer gaat het voor een groot deel om zelfstandigheid en onafhankelijkheid. Als werknemer bepaal je zelf wanneer je je taken wilt doen. Zolang je ze maar afhebt wanneer dat wordt verwacht.”

Als bedrijf kun je ruimte creëren waarin zowel mensen die meer structuur willen zich vinden, als zij die wel graag vrijheid van werken hebben’ Koen Blanquart, digital nomad en auteur van ‘Thuisvoordeel

Wonen op je werk

Voor degenen die al voor de corona-periode op die manier werkten, is dat niets nieuws. Ze weten allang dat plaats- en tijdsonafhankelijk werken een enorme vrijheid geeft. Ik kan erover meepraten. Als zelfstandig journalist werk ik waar en wanneer ik wil. Dat is te zeggen: binnen de opgelegde deadlines natuurlijk. Het vergt wat discipline, maar heb je zin om hele dagen in je pyjama achter je laptop te werken? Geen haan die ernaar kraait. En als je ’s morgens liever yoga doet en koffie drinkt in je tuin, dan werk je ’s avonds toch gewoon wat langer door? Tijd- en plaatsonafhankelijk werken kan overal, zolang je maar een internetverbinding hebt.

Dat gebrek aan het sociale, informele contact, is voor veel mensen de belangrijkste reden om terug naar kantoor te gaan, weet Blanquart. “Maar het is een feit dat een soepele werkomgeving met meer vrijheid steeds meer mensen aantrekt, zeker de generatie millennials. Een mooi voorbeeld daarvan zie je in Seattle, waar zowel Microsoft als Amazon gevestigd zijn. Beide bedrijven hebben een verschillende richting gekozen. Bij Amazon gaan ze ervan uit dat iedereen terug naar kantoor moet, zodra covid voorbij is. Bij Microsoft daarentegen vinden ze dat het niet uitmaakt, zolang je je job maar doet en je aan het einde van de week je doelen haalt. En wat blijkt? Microsoft krijgt zijn vacatures veel makkelijker ingevuld dan Amazon.”

Naast een gebrek aan sociaal contact is er nog een ander niet te onderschatten nadeel aan thuiswerken. Veel telewerkers kwamen er tijdens de pandemie achter dat het een stuk moeilijker is om werk en privé te scheiden. Niet alleen omdat je bureau plots thuis staat, ook hebben we sinds corona nog meer de neiging gekregen om constant online te blijven. Een andere manier van contact leggen was tenslotte niet mogelijk. “Dat is een valkuil”, beaamt Blanquart. “In plaats van gewoon thuis te zijn, woon je eigenlijk op je werk. En voor je het weet, ben je bereikbaar van 7 uur ’s morgens tot 11 uur ’s avonds. Het is dan ook heel belangrijk dat je zelf je grenzen trekt. Ik verblijf momenteel in Antwerpen en wandel elke morgen 150 meter naar de lokale koffieshop om daar te werken. Op zeker moment klap ik mijn laptop dicht en dat is dan het einde van mijn werkdag. En die korte wandeling terug naar mijn appartement is thuiskomen.”

 

Telewerken versus netwerken

De langetermijneffecten van telewerken zijn nog niet bekend, maar uit een enquête van de Universiteit Gent, Het Laatste Nieuws en de Antwerp Management School, blijkt dat veel werknemers zeggen dat ze door thuis te werken een betere work-lifebalans hebben gevonden. Anderen kan het dan weer net een burn-out bezorgen. “Een burn-out heeft te maken met werkdruk enerzijds en anderzijds met hoe je dat zelf compenseert. Met andere woorden: met hoe jezelf in elkaar zit”, zegt Stijn Baert, arbeidsmarktdeskundige, econoom en professor aan de Universiteit Gent en Universiteit Antwerpen die het onderzoek mee coördineerde. “Haal je veel energie uit sociaal contact, ook in een professionele context, dan zul je bij telewerk minder aan je trekken komen en misschien meer kans hebben om tegen een burn-out aan te lopen. Werk je daarentegen graag op jezelf, dan ben je wellicht beter af met telewerk.”

Haal je veel energie uit sociaal contact, dan heb je bij telewerk misschien meer kans om tegen een burn-out aan te lopen’ Stijn Baert

Een andere valkuil van telewerken is dat je minder kans maakt om een sociaal netwerk uit te bouwen, zo blijkt uit diezelfde enquête. “Uit de ondervraging maken we op dat telewerken vooral voordelen heeft als je twee tot drie dagen per week thuis werkt, niet als je dat voltijds doet”, zegt Baert. Ook blijkt dat telewerkers zich vaak minder bezighouden met opleidingen en bijkomende trainingen, weet de arbeidsmarktdeskundige. Wat ook gevolgen kan hebben op vlak van promotie. “Misschien verandert dat in de toekomst, als het aanbod aan online cursussen toeneemt, maar tot nu toe werden veel opleidingen door de werkgever georganiseerd en val je daar sneller buiten wanneer je thuis werkt.”

Nog een belangrijk nadeel van thuiswerken, is partnergeweld in huis. Iets waar we niet gauw aan denken, maar zeker in de VS is dat een niet te onderschatten aspect, vertelt Koen Blanquart: “Mensen die verplicht thuis werken, kunnen niet meer ontsnappen aan een gewelddadige partner.”

Big brother is watching

Hoe dan ook zijn heel wat bedrijven er inmiddels van overtuigd dat hun werknemers niet meer vijf dagen per week op kantoor hoeven te zitten. Het wantrouwen over personeel dat thuis de kantjes ervan afloopt, is na anderhalf jaar telewerken grotendeels verdwenen. Uit een ander onderzoek van de UGent blijkt dat zes op de tien werkgevers vinden dat hun medewerkers door telewerk efficiënter zijn gaan werken en dat ze zich ook beter kunnen concentreren. Meer dan zes op de tien werkgevers kijken nu positiever naar telewerk dan voor de crisis en zijn meer geneigd om hun werknemers vaker thuis te laten werken. “Een groot aantal werkgevers is intussen overtuigd van het systeem van plaats- en tijdsonafhankelijk werken”, zegt Stijn Baert.

Rowena (41) uit Aalst werkt op de administratie van een expertisekantoor in Brussel. Vóór de pandemie moest ze elke dag twee uur pendelen, een uur heen en een uur terug. “Toen de eerste lockdown begon, zat ik net als iedereen van de ene op de andere dag thuis. Ik begon om halfnegen te werken en stuurde dan telkens een berichtje naar mijn baas met ‘start’. Als ik om vijf uur gedaan had, stuurde ik ‘stop’. Dat ben ik maanden blijven doen, ik voelde me verplicht om aan te geven dat ik wel degelijk aan het werk was en niet zat te lummelen thuis. Tot mijn baas uiteindelijk zei dat het niet meer nodig was, dat hij me vertrouwde en aan mijn werk zag dat ik me voldoende inzette.”

Als IT-consultant was Blanquart getuige van de controledrift van al die bazen tijdens de pandemie. “Je wilt niet weten hoeveel managers aan het begin van de covidcrisis vroegen welke keylogger de beste was om te installeren.” Een keylogger is een programma waarmee de toetsaanslagen tot zelfs de muisbewegingen van een computergebruiker kunnen worden geregistreerd. Blanquart denkt er het zijne over: “Je neemt mensen aan op basis van vertrouwen. Zo niet, dan is er iets grondig mis in de relatie werkgever-werknemer.”

Allemaal goed en wel, maar niet iedereen kan met die vrijheid van thuiswerken om. Heel wat mensen hebben structuur en een zekere controle nodig, willen ze goed functioneren. “Klopt”, beaamt Blanquart. “Op dat vlak ontbreekt het in bedrijven vaak aan het empathische vermogen om te beseffen dat niet alle werknemers hetzelfde zijn. Toch kan een bedrijf dat asynchroon wil werken nog altijd heel taakgedreven met zijn medewerkers omgaan. En voor wie er zich comfortabel bij voelt om een bepaald uur bij die taak te krijgen, kan dat nog steeds. Als bedrijf kun je ruimte creëren waarin beide groepen zich vinden, zowel mensen die meer structuur willen als zij die wél graag vrijheid van werken hebben.”

Een afspraak in een koffieshop is minstens even gezellig als op kantoor en kan daardoor de relatie net verbeteren’ Koen Blanquart

Losser met vastgoed

Als we straks meer plaatsonafhankelijk werken, zal het kantoorgebouw in zijn klassieke vorm verdwijnen. Dat is al aan het gebeuren, zegt Blanquart: “Ik woon in New York waar ik hard word geconfronteerd met de nieuwe realiteit. Manhattan, de kantoorwijk, is op dit moment een ghost town. Hele blokken staan leeg. Waar vóór covid 15.000 mensen door de poortjes gingen, zijn dat nu nog enkelingen. Dat betekent niet dat onze werkcontacten in de stad verdwijnen, maar ze zullen op een andere manier plaatsvinden. Een afspraak in een koffieshop is minstens even gezellig als op kantoor en kan daardoor de relatie net verbeteren.” Dat de teloorgang van het klassieke kantoor bedrijven angst inboezemt, wordt onder andere duidelijk bij de grote Amerikaanse banken, zegt Blanquart: “Ze roepen hun medewerkers massaal terug. Omdat ze zwaar hebben geïnvesteerd in vastgoed en daar geen verlies op willen lijden.”

Een antwoord op het vinden van een geschikte ruimte voor mensen die deels thuis werken en deels op kantoor, is niet gemakkelijk. Toch zijn er al heel wat initiatieven, weet Blanquart: “Mensen die bijvoorbeeld dagelijks van Antwerpen naar Brussel pendelen, kunnen evengoed een paar dagen per week in satellietkantoren of co-workingspaces terecht. Zo wordt er tegenwoordig werkruimte aangeboden à la B&B, waarbij je kunt kiezen om op een bepaalde dag te werken op een plek waar je ook je hond mee kunt nemen. Ook voor eigenaars van leegstaande kantoren, biedt dat mogelijkheden. In plaats van het gebouw te verkopen en verlies te lijden, kun je ruimtes op maat verhuren.”

In balans

De hybride vorm van telewerken waarbij we één tot enkele dagen naar kantoor gaan, lijkt de meest realistische optie voor de toekomst, vinden zowel Stijn Baert als Koen Blanquart. “Toch lijkt het me verstandig dat bedrijven goed overleggen met hun werknemers over telewerken en dat ze niet te gauw gaan bekrimpen in kantoorruimte”, vindt Baert. “Want al zien velen de voordelen van telewerken, de nadelen mogen niet de bovenhand nemen. Het gaat om een evenwicht waarbij je niet voor iedereen hetzelfde moet willen.”

Verder lezen? Thuisvoordeel van Koen Blanquart (€ 30) verschijnt bij Uitgeverij Pelckmans en ligt vanaf 22 oktober in de boekhandel.

 

 

 

 

 

 

Lees ook: